18 februari 2008

'Ik heb recht op mijn eigen rechten'. Zo heet het boekje dat het Comité Foute Kinderen Bestaan Niet heeft gemaakt en dat vanaf nu hier is te downloaden. Defence for Children International en Justitia et Pax Nederland begeleiden de jongeren in het comité bij hun activiteiten. Kijk hier naar een documentaire over het Comité Foute Kinderen Bestaan Niet .
De leden van het Comité Foute Kinderen Bestaan Niet zijn jongeren met een vader bij wie vermoedens bestaan dat hij betrokken is geweest bij onder meer oorlogsmisdaden. Dat heet '1F', naar het artikel in het Vluchtelingenverdrag dat daarover gaat. De kinderen komen daarom niet in aanmerking voor het generaal pardon, terwijl ze hier al heel lang zijn. De meesten zijn al tien jaar in Nederland. De jongeren willen met hun activiteiten nu voor hun eigen rechten opkomen.
Rechtsvacuüm
Het Comité Foute Kinderen Bestaan Niet heeft twintig leden. Waarschijnlijk gaat het in totaal om een paar honderd kinderen in Nederland. Vijf Afghaanse meiden zijn de kartrekkers van het Comité: Arita, Susan, Sadaf, Azita en Arezo. Hun levensverhalen zijn opgenomen in het boekje 'Ik heb recht op mijn eigen rechten'. Er staan ook steunverklaringen in en kritische brieven over het Nederlandse 1F-beleid van verschillende organisaties in Nederland, zoals de VN-vluchtelingenorganisatie UNHCR, Unicef, Amnesty International, Vluchtelingenwerk Nederland, de Raad van Kerken en het Nederlands Juristen Comité Mensenrechten. Nederland loopt in Europa ver voorop in het uitdelen van het 1F-stempel, terwijl er in Nederland nauwelijks tot strafrechtelijke vervolging overgegaan kan worden omdat er meestal onvoldoende bewijs is. Vluchtelingen- en mensenrechtenorganisaties wijzen erop dat het 1F-stempel zeer terughoudend moet worden toegepast. De meeste mensen met een 1F-beschuldiging kunnen niet worden uitgezet omdat ze in eigen land gevaar lopen. Ze belanden in een rechtsvacuüm: ze mogen niet blijven en ze mogen niet terug. Hun kinderen zijn hier het slachtoffer van. Zij kwamen als klein kind naar Nederland en zijn hier opgegroeid, opgeleid en geworteld geraakt. Zij hebben geen schuld aan de beslissingen die hun ouders hebben genomen of de misstappen die zij misschien begaan hebben. Het is de hoogste tijd dat de kinderen van 1F-ouders die hier al heel lang zijn en een uitzichtloos, soms letterlijk ziekmakend, bestaan leiden, een eigen verblijfsvergunning krijgen zodat ze kunnen bouwen aan hun toekomst in Nederland.
Politiek werk
Op 12 februari 2008 heeft het Comité Foute Kinderen Bestaan Niet het boekje 'Ik heb recht op mijn eigen rechten' aangeboden aan de Commissie voor Justitie in de Tweede Kamer. Daarnaast hebben de leden ook gesprekken gevoerd met individuele kamerleden om een oplossing te bepleiten. Een brief van staatssecretaris Albayrak en minister Hirsch Ballin van Justitie over de positie van gezinsleden van mensen met een 1F-stempel wordt elk moment verwacht. Daarna zal het Comité Foute Kinderen Bestaan Niet deelnemen aan een hoorzitting in de Tweede Kamer over hun situatie.
Kinderrechten
Defence for Children International en Justitia en Pax steunen het Comité Foute Kinderen Bestaan Niet omdat het een aperte schending van het Internationaal Verdrag inzake de Rechten van het Kind (IVRK) is om deze jongeren zo lang in een houdgreep te houden omdat hun vader misschien iets fouts heeft gedaan. Die vaders moeten strafrechtelijk vervolgd worden zodat in een eerlijk proces komt vast te staan of ze inderdaad betrokken zijn geweest bij oorlogsmisdaden. Hun kinderen hadden al lang een verblijfsvergunning moeten krijgen, al was het maar omdat de jongeren – behalve dat ze gezinslid zijn van een 1F'er - voldoen aan de criteria voor het generaal pardon. Dat pardon is er met brede steun in de samenleving gekomen en is precies bedoeld voor kinderen als die uit dit comité: kinderen die jarenlang een onzeker en onveilig bestaan hebben geleid en toe zijn aan rust en herstel. Het op basis van vermeende daden van ouders zo'n groot verschil maken tussen kinderen, is een schending van het nondiscriminatie-beginsel uit het IVRK (artikel 2). Kinderen jarenlang laten bungelen is onder meer een schending van het beginsel dat hun belang voorop hoort te staan bij beslissingen van de overheid (artikel 3 IVRK) en van hun recht op een gezonde ontwikkeling (artikel 6 lid 2 en artikel 24 IVRK). Als de vaders, ook na een zorgvuldige toetsing, hun 1F-stempel behouden en wel nog uitgezet kunnen worden, zullen deze kinderen in samenspraak met hun ouders en andere gezinsleden zelf beslissen of ze meegaan of in Nederland blijven. Een scheiding in deze moeilijke omstandigheden is géén schending van kinderrechten omdat kinderen bij hun ouders horen te kunnen zijn, áls en zolang dat in hun belang is (artikel 9 IVRK). Het IVRK verplicht ook om kinderen te horen en om aan hun mening een bij hun leeftijd en ontwikkeling passend belang te hechten (artikel 12). De kinderen van het Comité Foute Kinderen Bestaan Niet hebben in ieder geval laten zien hoe jongeren overtuigend voor hun eigen rechten op kunnen komen. Het wachten is nu op het 'passend belang'.
Bel voor meer informatie Defence for Children International , Carla van Os: 020 420 37 71.
Foto: Kees Bakker
© 2009 Defence for Children International Nederland - All rights reserved.