10 maart 2011
In opdracht van het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (WODC) is onderzoek gedaan naar de beleving van jongeren die een werkstraf in een buurt, niet per sé hun eigen buurt, hebben uitgevoerd. Gekeken is in hoeverre dit door hen als vernederend wordt ervaren. Mogelijke negatieve reacties en sociale uitstoting dragen namelijk het risico met zich mee dat deze jongeren worden gestigmatiseerd. Defence for Children moedigt het aan dat de mening van jongeren zélf wordt betrokken in onderzoek. Dit is in overeenstemming met artikel 12 van het Kinderrechtenverdrag, dat bepaalt dat kinderen hun mening mogen geven over alle zaken die hen aangaan.
Uit het onderzoek blijkt dat jongeren over het algemeen redelijk positief zijn over de werkstraf in de buurt en vinden zij deze niet beter of slechter dan andere werkstraffen. Jongeren doen liever buiten- dan binnenwerk en voeren liever niet een 'prikproject' uit, omdat ze het werk vies en/of nutteloos vinden. Ook vinden ze het stom om felgekleurde hesjes te dragen. Dit is een aantasting van de reputatie, identiteit en imago. Jongeren kunnen daarnaast worden afgeleid en geprovoceerd door voorbijgangers. Tegelijkertijd worden positieve reacties uit de buurt gemeld en vinden jongeren de herkenbaarheid eigenlijk prima passen bij een werkstraf, ook al is het niet leuk. De buurt mag ook best zien dat er hard wordt gewerkt.
Concluderend stellen de onderzoekers dat de meeste jongeren geen grote moeite hebben met de herkenbaarheid of dat ze het accepteren omdat zij de werkstraf tot een goed einde willen brengen. Jongeren zijn positief over buurtprojecten wanneer het werk nuttig is, de sfeer goed, de werkmeester 'tof' is en de jongeren zich gewaardeerd voelen. De buurt kan juist positief bijdragen aan die waardering. Door positieve reacties van de omgeving worden de jongeren niet gestigmatiseerd of sociaal uitgestoten, maar geresocialiseerd.
Lees hier het onderzoek gedaan door WODC
© 2009 Defence for Children International Nederland - All rights reserved.