9 oktober 2007
"De kamer is ongeveer 2 bij 4 meter en daar staat een bed en er hangt een kast en er is een douche met alleen warm water. En de wc is van ijzer, dat zit ook niet zo lekker en is ook niet zo diep. En de matrassen zijn heel hard alsof je op hout ligt en het laken is van een soort papier. Dat ligt ook niet zo lekker."
Aan het woord is een kind in Nederland. In Nederland. Anno 2007.
KINDEREN HOREN NIET IN VREEMDELINGENBEWARING,
GEEN KIND IN DE CEL…
Onder die slogan begonnen begin 2006 enkele organisaties een campagne tegen het opsluiten van kinderen zonder verblijfsvergunning. De kerken in Nederland, Amnesty, Vluchtelingenwerk, INLIA, Samah, Unicef, Kinderpostzegels en mijn eigen club, Defence for Children International lanceerden een website en een paar maanden later, op 21 juni 2006 werden meer dan honderdduizend handtekeningen aangeboden aan betrokken Kamerleden die beloofden nogmaals aan de bel te trekken over het opsluiten van kinderen omdat ze geen verblijfsvergunning hebben.
Voordat het tot zo'n actie komt, gaan maanden, misschien wel jaren aan verontrustende berichten, signalen, een enkel krantenartikel, vooraf. Het bleek best moeilijk te zijn om Nederland ervan te doordringen dat het echt waar was. Waarschijnlijk zijn er onder u ook mensen die voordat iedereen ervan wist al kennis hadden gemaakt met het vluchtelingenkind in de cel. Misschien bent u ook zelf wel ongelovig aangekeken als u ervan vertelde aan mensen die denken dat Nederland een fatsoenlijk land is.
Je bent natuurlijk wel verdrietig, want je hebt niets gejat, je hebt niemand vermoord ofzo en dan ga je in één keer naar de gevangenis. Dan word je gewoon opgesloten, dat is niet normaal.
De kinderen en jongeren van wie ik de stemmen laat horen, hebben hun verhaal verteld aan Gerrianne Smits, een student antropologie die een scriptie schreef over kinderen die in vreemdelingenbewaring hebben gezeten, ik kom daar later op terug.
Nu terug naar de campagne. Geen kind in de cel. Een paar maanden nadat we de handtekeningen hadden aangeboden én toenmalig minister Verdonk had beloofd om het beleid voor kinderen in vreemdelingenbewaring te herzien, werd ik gebeld door Sipke Jan Bousema, een AVRO presentator van kinderprogramma's. Ik weet het nog precies. Hij belde met een verstikte stem en klonk toch gehaast. 'Heb je gehoord van Hui, dat Chinese jongetje in de cel. Dat kan toch niet! Hij is pas 8'. Ik zuchtte een beetje, we hadden net een half jaar actie gevoerd. Was zelfs hem dat niet opgevallen? Ik weet het, zei ik. 'En wat DOE je dan', zei hij verwijtend. 'Ik weet het niet meer�?, zei ik, "we hebben het bekend gemaakt, bij de politiek aan de bel getrokken, kinderen aan het woord gelaten, een manifestatie georganiseerd, handtekeningen verzameld, een website in de lucht gehad…." " Gooi die website onmiddellijk weer on line, ik bel zo terug", riep Sipke Jan. Ik liep even te ijsberen op mijn kamer. Het was mijn vrije dag dus het duurde even voordat ik de telefoonnummers van de medecampagnevoerders te pakken had. Intussen belde Sipke Jan al weer. "Zet zo meteen RTL 4 op" zei hij. "Ik zit zo in Rtl Boulevard!�? Ik hoorde hem scheuren en vroeg of er veel bomen langs de weg stonden. Sipke Jan raasde door. " Carla, vertel me precies welke rechten van kinderen nou geschonden worden door ze zo op te sluiten". "Artikel 3, het belang van kind staat voorop, artikel 6 het kind heeft recht op een continue ontwikkeling, artikel 37 kinderen niet opsluiten behalve als het niet anders kan en dan zo kort mogelijk… " ik wilde doorgaan maar Sipke Jan onderbrak me. "Dat is genoeg, kijk nu naar de tv". Ik zapte naar Rtl en ja hoor, hij werd aangekondigd. Enkele minuten later zie ik de man die ik net nog aan de telefoon had. Even opgewonden. De tranen breken door. "Artikel 37 van het Kinderrechtenverdrag verbiedt kinderen op te sluiten als er alternatieven voorhanden zijn", hoor ik hem beter zeggen dan ik had gedaan. De tranen van Sipke Jan zorgen voor een nieuwe, nog veel grotere campagne tegen het opsluiten van kinderen in vreemdelingenbewaring. Op 30 september 2006 trekken de kinderen van Hui's school van het Museumplein naar de Dam. "Hui hoort hier en niet in de cel"? Die zin is onvergetelijk. Er kwamen tv spotjes, advertenties, we schreven een lespakket. Enkele weken later was Hui vrij.
Het Internationale Verdrag inzake de Rechten van het Kind. Dat is een bijzonder verdrag, bijzonder omdat het over werkelijk het hele leven van alle kinderen gaat. En ook bijzonder omdat het door bijna alle landen op de wereld is ondertekend. Het verdrag beschermt kinderen, en zorgt dat extra kwetsbare kinderen voorrang krijgen. Het verdrag bepaalt ook wat kinderen nodig hebben om zich goed te kunnen ontwikkelen. Voor Nederland is het verdrag sinds 1995 in werking. Nu bijna twaalf jaar. Langzaam en langzaam begint de betekenis van het verdrag door te dringen in de Nederlandse samenleving, rechtspraak en politiek. Zo zei Minister Rouvoet kort na zijn aantreden dat hij zijn beleid zou baseren op het Verdrag inzake de Rechten van het Kind!
Hoe zit het nou met de kinderrechten en de kinderen in vreemdelingenbewaring? Welke rechten zijn hier in het geding? Ik heb al kort genoemd het beginsel uit artikel 37 waarin staat dat als er alternatieven zijn, opsluiten niet mag. Eigenlijk geldt dat meteen voor alle kinderen die op grond van hun verblijfsstatus worden opgesloten, dat hoeft niet, er is een alternatief. Meer en meer klinkt de roep, ook bijvoorbeeld vanuit het Comité voor de Rechten van het Kind en vanuit de Raad van Europa om kinderen niet op te sluiten als ze alleen maar geen verblijfsvergunning hebben. Er is een alternatieve manier om mensen te begeleiden bij hun terugkeer of bij hun asielaanvraag en daarom is het opsluiten van deze kinderen illegaal.
Maar welke andere rechten worden geschonden als het gaat om kinderen in de cel?
Elk kind is gelijk
Recht op de best mogelijke gezondheid
Toevallig heb ik er voor doorgeleerd, dus ook vanuit mijn vak als orthopedagoog kan ik zeggen dat het schadelijk is voor kinderen om in zo'n bedreigende situatie te zitten. Met ouders die volkomen machteloos zijn en niet in staat bleken om jou te beschermen tegen zoveel kwaad. Met de angst om weggevoerd te worden. Maar zo'n studie is absoluut niet nodig om te snappen dat dit niet klopt. Daar hoeft geen jurist, psycholoog of pedagoog aan te pas te komen.
Aan het woord een kind in Nederland. In Nederland anno 2007.
Eng, heel erg eng. Verschrikkelijk. Dreigend. Er was gewoon niet makkelijk mee te leven. En iedere keer als je in jouw cel ben, denk je, misschien komen zij jou 's avonds ook op die manier halen om uit te zetten. Iedere nacht, iedere dag als ik in
mijn cel zat, is dat zo. Ik ging maar weinig slapen, ik bleef gewoon heel de tijd bidden. Bidden gewoon. En nog steeds zie ik het voor mij.

In een rechtszaak over de bewaring van Hui vroeg de rechter of hij naar school ging. "Nee", zei Hui. "Ja", zei de IND. En daar bleef het bij. Veel kinderen hebben een achterstand opgelopen door de tijd in vreemdelingenbewaring.
Aan het woord een kind in Nederland. Nederland anno 2007.
En wat zij buiten noemden, het was een soort apekooi, het was een grote kooi, iets groter als deze kamer. Elke sectie had zijn eigen kooi, en buiten de kooi was nog een hek waarop iets was gezet waar je niet doorheen kon kijken

Voorrang voor vluchtelingen.
De VN-Vluchtelingenorganisatie UNHCR heeft samen met het Separated Children in Europe Progamme (SCEP) onderzoek gedaan naar de verschillende voogdijsystemen voor alleenstaande minderjarige asielzoekers in Europa. Defence for Children International Nederland maakt deel uit van SCEP. Het onderzoek legt grote verschillen bloot in de verschillende manieren waarop in het gezagvacuüm wordt voorzien als een minderjarige zonder ouders asiel aanvraagt. Nederland springt er positief uit qua professionaliteit van de voogden. In sommige landen nemen ongeschoolde vrijwilligers de voogdij op zich. Opvallend is dat alleen in Nederland, België en Zwitserland de voogden gelinieerd zijn aan of gefinancierd worden door het Ministerie van Justitie. In de meeste andere landen zijn de voogden verbonden aan instituties voor welzijn en educatie. Het onderzoek is een eerste aanzet om de verschillen in kaart te brengen en zal vervolgd worden met een analyse van de kwaliteit van de verschillende voogdijsystemen.
In het begin toen ik daar kwam dacht ik van waar ben ik nou beland, dat was eigenlijk de eerste indruk. Wanneer je daar binnenkomt, dat busje gaat via twee poorten van vijf meter ofzo, zeven misschien zelfs hoger. De eerste is wel wat lager, maar op
allebei zit prikkeldraad, en daarnaast nog van dat soort dingen om er niet over te kunnen klimmen. En dan denk je wel echt van waar ben ik nu beland, wat gaat er verder gebeuren? En dan heb je je kamer gekregen en dan zie je hoe het is en dan denk je nu moet ik het nog een tijdje volhouden.
Minder kinderen in vreemdelingenbewaring
Intussen is er wel wat veranderd in Nederland. De quotes uit de scriptie van Gerrianne, zijn terugblikken van kinderen en jongeren. Het komt nog maar zelden voor dat kinderen met hun ouders langdurig in vreemdelingenbewaring worden gezet als ze het land uit moeten. Er wordt veel beter dan vroeger gekeken naar alternatieven. Met spanning wachten we op de brief die staatssecretaris Albayrak elk moment bij de Tweede Kamerleden kan bezorgen om deze veranderingen uit de praktijk ook in beleid vast te leggen. Het ziet er naar uit dat er een maximale termijn van waarschijnlijk veertien dagen komt waarin ouders met kinderen ter voorbereiding van hun vertrek in vreemdelingenbewaring gezet kunnen worden. Dat is winst, een enorme verbetering vergeleken met de praktijk van de afgelopen jaren.
Er zijn twee groepen minderjarigen waar Defence for Children International zich nog bijzonder zorgen om maakt.
Alleenstaande minderjarige asielzoekers
Dat zijn in de eerste plaats de alleenstaande minderjarige asielzoekers. Ik ben pas in Zwaag geweest waar in een gevangenis voor volwassenen nu een speciale vleugel voor jongeren is geopend. Aan de ene kant zitten jongeren die in afwachting zijn van een rechtszaak over een misdrijf dat ze gepleegd hebben. Aan de andere kant zitten de jonge asielzoekers die zonder ouders naar Nederland zijn gekomen en bijvoorbeeld aangehouden zijn bij een identiteitscontrole, waar we er tegenwoordig weer zo veel van hebben. Die scheiding tussen jongeren die in een strafrechtelijk proces verwikkeld zijn en jongeren die waarschijnlijk moeten terugkeren naar hun land van herkomst, is op zich ook al een verbetering. Maar het blijft onverdedigbaar en onacceptabel dat we doorgaan met het opsluiten van jongeren die hun toekomst, hun veiligheid in Nederland kwamen zoeken. Die jongeren horen daar niet en wij zullen ons blijven laten horen over deze groep.
En vergeet niet. Het is in Nederland. Nederland anno 2007.
Om doen wat je wil doen, in je werk of om met je geliefde of vrienden te zijn,
moet je vrij zijn. Maar de vrijheid moet je wel hebben. En het maakt niet uit welke
vrijheid dat is. Maar vooral de vrijheid dat jij gewoon kan doen wat jij wil. Dat jij mag
zijn waar jij wil zijn. En die vrijheid, samen met gezondheid en liefde, die drie zijn de
basis van gelukkig zijn.
Maar voor jullie is het niet te zien, de vrijheid, want het is
gewoon zo, het gaat vanzelf bij jullie, jullie merken er niets van. Maar als jij ooit de
vrijheid mist, voor één uurtje, dan kom jij er vanzelf achter dat het heel belangrijk is.
Grensdetentie
Een tweede groep kinderen voor wie nog geen verandering in zicht is, zijn de kinderen die met hun ouders asiel aanvragen en die niet toegelaten worden tot een asielprocedure in een open opvangcentrum. Meestal komen ze in het grenshospitium en soms ook hier in Zestienhoven. Dit is de tweede manier waarop vreemdelingen in de gevangenis gezet kunnen worden.
In de campagne vorig jaar van Geen Kind in Cel en in de zaak van Hui ging het steeds om de gezinnen die het land moesten verlaten, die mensen zitten in vreemdelingenbewaring. Voor die groep zijn al veel veranderingen bereikt. De andere groep mag het land dus niet in, dit noemen we grensdetentie.
Op 16 juli 2007 kwamen hier op Zestienhoven vier Afghaanse kinderen van 6, 11, 13 en 14 jaar samen met hun moeder. Zes weken later belt hun advocaat Defence for Children International en vraagt om steun om de kinderen vrij te pleiten bij de rechter. De rechter snapt het belang van het kind, en het belang om het belang van het kind goed af te wegen. Eerst stelt hij in zijn vonnis vast dat de kinderen niet goed kunnen spelen op Zestienhoven en dat het onderwijs beneden de maat is. Dan zegt hij dat de Vreemdelingendienst niet genoeg moeite heeft gedaan om te onderzoeken of er niks anders bedacht kan worden, bijvoorbeeld opvang in een onderzoeks- en opvangcentrum. En de rechter zegt ook dat er niet goed genoeg is meegewogen hoe veel invloed de gevangenis heeft op de kinderen die er zitten, met die zin was ik echt heel blij, ik lees die even voor:
Bovendien is de impact van het verblijf in een gesloten inrichting op de kinderen zoals nader onderbouwd in het rapport van Defence for Children International een belang dat nadrukkelijk in de afweging moet worden betrokken.
De kinderen zijn met hun moeder vrijgelaten. De advocaat ging toch in hoger beroep omdat de rechter heeft beschreven dat de detentie pas na ruim een maand onrechtmatig was terwijl wij betogen dat de kinderen en hun moeder van meet af aan elders ondergebracht hadden moeten worden. De IND is ook in hoger beroep gegaan. Het is spannend hoe het afloopt.
Vluchtelingenwerk Nederland heeft pas een onderzoekrapport gepubliceerd over deze vorm van vrijheidsberoving bij asielzoekers. Daaruit bleek dat grensdetentie, meestal opgelegd in het grenshospitium, gemiddeld honderd dagen duurt. Honderd dagen in de gevangenis omdat je het land niet in mag. We spreken over Nederland, Nederland anno 2007.
Terugblik. Mishandeling?
Artikel 19 van het Internationaal Verdrag inzake de Rechten van het Kind verstaat onder kindermishandeling:
Alle vormen van lichamelijk of geestelijk geweld, letsel of misbruik, lichamelijk of geestelijke verwaarlozing of nalatige behandeling, mishandeling of exploitatie.
Aan het woord een kind in Nederland. Nederland anno 2007.
Ik word er gewoon ontzettend boos van als ik eraan denk. ... Daar heb ik gewoon geen woorden voor. Verschrikkelijk. En dat gebeurt zo wel. En ik vraag me wel af, waarom? Omdat wij buitenlander zijn, of vluchtelingen? Hebben wij geen recht, hebben wij niks te zeggen? Nee, het voelt niet recht. ... Gewoon naar de dokter gaan, handboeien is niet genoeg, twee begeleiders zijn niet genoeg, je krijgt een stok in je broek. Ja, ik weet niet, er is gewoon geen beschrijving voor. Echt. En ik probeer het weg te stoppen, maar als ik eraan denk dan word ik gewoon boos en kwaad.
Vreemdelingenbeleid Wake bij Zestienhoven, 7 oktober 2007 "De kamer is ongeveer 2 bij 4 meter en daar staat een bed en er hangt een kast en er is een douche met alleen warm water. En de wc is van ijzer, dat zit ook niet zo lekker en is ook niet zo diep. En de matrassen zijn heel hard alsof je op hout ligt en het laken is van een soort papier. Dat ligt ook niet zo lekker.�? Aan het woord is een kind in Nederland. In Nederland. Anno 2007. KINDEREN HOREN NIET IN VREEMDELINGENBEWARING,
GEEN KIND IN DE CEL… Onder die slogan begonnen begin 2006 enkele organisaties een campagne tegen het opsluiten van kinderen zonder verblijfsvergunning. De kerken in Nederland, Amnesty, Vluchtelingenwerk, INLIA, Samah, Unicef, Kinderpostzegels en mijn eigen club, Defence for Children International lanceerden een website en een paar maanden later, op 21 juni 2006 werden meer dan honderdduizend handtekeningen aangeboden aan betrokken Kamerleden die beloofden nogmaals aan de bel te trekken over het opsluiten van kinderen omdat ze geen verblijfsvergunning hebben. Voordat het tot zo'n actie komt, gaan maanden, misschien wel jaren aan verontrustende berichten, signalen, een enkel krantenartikel, vooraf. Het bleek best moeilijk te zijn om Nederland ervan te doordringen dat het echt waar was. Waarschijnlijk zijn er onder u ook mensen die voordat iedereen ervan wist al kennis hadden gemaakt met het vluchtelingenkind in de cel. Misschien bent u ook zelf wel ongelovig aangekeken als u ervan vertelde aan mensen die denken dat Nederland een fatsoenlijk land is. Aan het woord is een kind in Nederland. In Nederland. Anno 2007.
Je bent natuurlijk wel verdrietig, want je hebt niets gejat, je hebt niemand vermoord
ofzo en dan ga je in één keer naar de gevangenis. Dan word je gewoon opgesloten,
dat is niet normaal. De kinderen en jongeren van wie ik de stemmen laat horen, hebben hun verhaal verteld aan Gerrianne Smits, een student antropologie die een scriptie schreef over kinderen die in vreemdelingenbewaring hebben gezeten, ik kom daar later op terug. Nu terug naar de campagne. Geen kind in de cel. Een paar maanden nadat we de handtekeningen hadden aangeboden én toenmalig minister Verdonk had beloofd om het beleid voor kinderen in vreemdelingenbewaring te herzien, werd ik gebeld door Sipke Jan Bousema, een AVRO presentator van kinderprogramma's. Ik weet het nog precies. Hij belde met een verstikte stem en klonk toch gehaast. 'Heb je gehoord van Hui, dat Chinese jongetje in de cel. Dat kan toch niet! Hij is pas 8'. Ik zuchtte een beetje, we hadden net een half jaar actie gevoerd. Was zelfs hem dat niet opgevallen? Ik weet het, zei ik. 'En wat DOE je dan', zei hij verwijtend. 'Ik weet het niet meer�?, zei ik, "we hebben het bekend gemaakt, bij de politiek aan de bel getrokken, kinderen aan het woord gelaten, een manifestatie georganiseerd, handtekeningen verzameld, een website in de lucht gehad….�? " Gooi die website onmiddellijk weer on line, ik bel zo terug�?, riep Sipke Jan. Ik liep even te ijsberen op mijn kamer. Het was mijn vrije dag dus het duurde even voordat ik de telefoonnummers van de medecampagnevoerders te pakken had. Intussen belde Sipke Jan al weer. "Zet zo meteen RTL 4 op�? zei hij. "Ik zit zo in Rtl Boulevard!�? Ik hoorde hem scheuren en vroeg of er veel bomen langs de weg stonden. Sipke Jan raasde door. " Carla, vertel me precies welke rechten van kinderen nou geschonden worden door ze zo op te sluiten�? . "Artikel 3, het belang van kind staat voorop, artikel 6 het kind heeft recht op een continue ontwikkeling, artikel 37 kinderen niet opsluiten behalve als het niet anders kan en dan zo kort mogelijk… " ik wilde doorgaan maar Sipke Jan onderbrak me. "Dat is genoeg, kijk nu naar de tv�?. Ik zapte naar Rtl en ja hoor, hij werd aangekondigd. Enkele minuten later zie ik de man die ik net nog aan de telefoon had. Even opgewonden. De tranen breken door. "Artikel 37 van het Kinderrechtenverdrag verbiedt kinderen op te sluiten als er alternatieven voorhanden zijn�?, hoor ik hem beter zeggen dan ik had gedaan. De tranen van Sipke Jan zorgen voor een nieuwe, nog veel grotere campagne tegen het opsluiten van kinderen in vreemdelingenbewaring. Op 30 september 2006 trekken de kinderen van Hui's school van het Museumplein naar de Dam. "Hui hoort hier en niet in de cel!�? Die zin is onvergetelijk. Er kwamen tv spotjes, advertenties, we schreven een lespakket. Enkele weken later was Hui vrij. Het Internationale Verdrag inzake de Rechten van het Kind. Dat is een bijzonder verdrag, bijzonder omdat het over werkelijk het hele leven van alle kinderen gaat. En ook bijzonder omdat het door bijna alle landen op de wereld is ondertekend. Het verdrag beschermt kinderen, en zorgt dat extra kwetsbare kinderen voorrang krijgen. Het verdrag bepaalt ook wat kinderen nodig hebben om zich goed te kunnen ontwikkelen. Voor Nederland is het verdrag sinds 1995 in werking. Nu bijna twaalf jaar. Langzaam en langzaam begint de betekenis van het verdrag door te dringen in de Nederlandse samenleving, rechtspraak en politiek. Zo zei Minister Rouvoet kort na zijn aantreden dat hij zijn beleid zou baseren op het Verdrag inzake de Rechten van het Kind! Hoe zit het nou met de kinderrechten en de kinderen in vreemdelingenbewaring? Welke rechten zijn hier in het geding? Ik heb al kort genoemd het beginsel uit artikel 37 waarin staat dat als er alternatieven zijn, opsluiten niet mag. Eigenlijk geldt dat meteen voor alle kinderen die op grond van hun verblijfsstatus worden opgesloten, dat hoeft niet, er is een alternatief. Meer en meer klinkt de roep, ook bijvoorbeeld vanuit het Comité voor de Rechten van het Kind en vanuit de Raad van Europa om kinderen niet op te sluiten als ze alleen maar geen verblijfsvergunning hebben. Er is een alternatieve manier om mensen te begeleiden bij hun terugkeer of bij hun asielaanvraag en daarom is het opsluiten van deze kinderen illegaal. Maar welke andere rechten worden geschonden als het gaat om kinderen in de cel? Elk kind is gelijk
Recht op de best mogelijke gezondheid
Toevallig heb ik er voor doorgeleerd, dus ook vanuit mijn vak als orthopedagoog kan ik zeggen dat het schadelijk is voor kinderen om in zo'n bedreigende situatie te zitten. Met ouders die volkomen machteloos zijn en niet in staat bleken om jou te beschermen tegen zoveel kwaad. Met de angst om weggevoerd te worden. Maar zo'n studie is absoluut niet nodig om te snappen dat dit niet klopt. Daar hoeft geen jurist, psycholoog of pedagoog aan te pas te komen. Aan het woord een kind in Nederland. In Nederland anno 2007.
Eng, heel erg eng. Verschrikkelijk. Dreigend. Er was gewoon niet makkelijk mee te
leven. En iedere keer als je in jouw cel ben, denk je, misschien komen zij jou 's
avonds ook op die manier halen om uit te zetten. Iedere nacht, iedere dag als ik in
mijn cel zat, is dat zo. Ik ging maar weinig slapen, ik bleef gewoon heel de tijd bidden. Bidden gewoon. En nog steeds zie ik het voor mij. Recht op Onderwijs
In een rechtszaak over de bewaring van Hui vroeg de rechter of hij naar school ging. "Nee�?, zei Hui. "Ja�?, zei de IND. En daar bleef het bij. Veel kinderen hebben een achterstand opgelopen door de tijd in vreemdelingenbewaring. Recht op Spelen
Aan het woord een kind in Nederland. Nederland anno 2007.
En wat zij buiten noemden, het was een soort apekooi, het was een grote kooi, iets
groter als deze kamer. Elke sectie had zijn eigen kooi, en buiten de kooi was nog een
hek waarop iets was gezet waar je niet doorheen kon kijken Recht op zorg en liefde
Voorrang voor vluchtelingen Aan het woord is een kind in Nederland. In Nederland. Anno 2007. In het begin toen ik daar kwam dacht ik van waar ben ik nou beland, dat was eigenlijk
de eerste indruk. Wanneer je daar binnenkomt, dat busje gaat via twee poorten van
vijf meter ofzo, zeven misschien zelfs hoger. De eerste is wel wat lager, maar op
allebei zit prikkeldraad, en daarnaast nog van dat soort dingen om er niet over te
kunnen klimmen. En dan denk je wel echt van waar ben ik nu beland, wat gaat er
verder gebeuren? En dan heb je je kamer gekregen en dan zie je hoe het is en dan
denk je nu moet ik het nog een tijdje volhouden. Minder kinderen in vreemdelingenbewaring
Intussen is er wel wat veranderd in Nederland. De quotes uit de scriptie van Gerrianne, zijn terugblikken van kinderen en jongeren. Het komt nog maar zelden voor dat kinderen met hun ouders langdurig in vreemdelingenbewaring worden gezet als ze het land uit moeten. Er wordt veel beter dan vroeger gekeken naar alternatieven. Met spanning wachten we op de brief die staatssecretaris Albayrak elk moment bij de Tweede Kamerleden kan bezorgen om deze veranderingen uit de praktijk ook in beleid vast te leggen. Het ziet er naar uit dat er een maximale termijn van waarschijnlijk veertien dagen komt waarin ouders met kinderen ter voorbereiding van hun vertrek in vreemdelingenbewaring gezet kunnen worden. Dat is winst, een enorme verbetering vergeleken met de praktijk van de afgelopen jaren. Er zijn twee groepen minderjarigen waar Defence for Children International zich nog bijzonder zorgen om maakt. Alleenstaande minderjarige asielzoekers
Dat zijn in de eerste plaats de alleenstaande minderjarige asielzoekers. Ik ben pas in Zwaag geweest waar in een gevangenis voor volwassenen nu een speciale vleugel voor jongeren is geopend. Aan de ene kant zitten jongeren die in afwachting zijn van een rechtszaak over een misdrijf dat ze gepleegd hebben. Aan de andere kant zitten de jonge asielzoekers die zonder ouders naar Nederland zijn gekomen en bijvoorbeeld aangehouden zijn bij een identiteitscontrole, waar we er tegenwoordig weer zo veel van hebben. Die scheiding tussen jongeren die in een strafrechtelijk proces verwikkeld zijn en jongeren die waarschijnlijk moeten terugkeren naar hun land van herkomst, is op zich ook al een verbetering. Maar het blijft onverdedigbaar en onacceptabel dat we doorgaan met het opsluiten van jongeren die hun toekomst, hun veiligheid in Nederland kwamen zoeken. Die jongeren horen daar niet en wij zullen ons blijven laten horen over deze groep. Aan de scriptie van Gerrianne waaruit ik jongeren citeer, heeft ook zo'n alleenstaande minderjarige asielzoeker meegewerkt. Ik laat hem aan het woord. En vergeet niet. Het is in Nederland. Nederland anno 2007. Om doen wat je wil doen, in je werk of om met je geliefde of vrienden te zijn,
moet je vrij zijn. Maar de vrijheid moet je wel hebben. En het maakt niet uit welke
vrijheid dat is. Maar vooral de vrijheid dat jij gewoon kan doen wat jij wil. Dat jij mag
zijn waar jij wil zijn. En die vrijheid, samen met gezondheid en liefde, die drie zijn de
basis van gelukkig zijn. Maar voor jullie is het niet te zien, de vrijheid, want het is
gewoon zo, het gaat vanzelf bij jullie, jullie merken er niets van. Maar als jij ooit de
vrijheid mist, voor één uurtje, dan kom jij er vanzelf achter dat het heel belangrijk is. Grensdetentie
Een tweede groep kinderen voor wie nog geen verandering in zicht is, zijn de kinderen die met hun ouders asiel aanvragen en die niet toegelaten worden tot een asielprocedure in een open opvangcentrum. Meestal komen ze in het grenshospitium en soms ook hier in Zestienhoven. Dit is de tweede manier waarop vreemdelingen in de gevangenis gezet kunnen worden. In de campagne vorig jaar van Geen Kind in Cel en in de zaak van Hui ging het steeds om de gezinnen die het land moesten verlaten, die mensen zitten in vreemdelingenbewaring. Voor die groep zijn al veel veranderingen bereikt. De andere groep mag het land dus niet in, dit noemen we grensdetentie. Op 16 juli 2007 kwamen hier op Zestienhoven vier Afghaanse kinderen van 6, 11, 13 en 14 jaar samen met hun moeder. Zes weken later belt hun advocaat Defence for Children International en vraagt om steun om de kinderen vrij te pleiten bij de rechter. De rechter snapt het belang van het kind, en het belang om het belang van het kind goed af te wegen. Eerst stelt hij in zijn vonnis vast dat de kinderen niet goed kunnen spelen op Zestienhoven en dat het onderwijs beneden de maat is. Dan zegt hij dat de Vreemdelingendienst niet genoeg moeite heeft gedaan om te onderzoeken of er niks anders bedacht kan worden, bijvoorbeeld opvang in een onderzoeks- en opvangcentrum. En de rechter zegt ook dat er niet goed genoeg is meegewogen hoe veel invloed de gevangenis heeft op de kinderen die er zitten, met die zin was ik echt heel blij, ik lees die even voor: Bovendien is de impact van het verblijf in een gesloten inrichting op de kinderen zoals nader onderbouwd in het rapport van Defence for Children International een belang dat nadrukkelijk in de afweging moet worden betrokken. De kinderen zijn met hun moeder vrijgelaten. De advocaat ging toch in hoger beroep omdat de rechter heeft beschreven dat de detentie pas na ruim een maand onrechtmatig was terwijl wij betogen dat de kinderen en hun moeder van meet af aan elders ondergebracht hadden moeten worden. De IND is ook in hoger beroep gegaan. Het is spannend hoe het afloopt. Vluchtelingenwerk Nederland heeft pas een onderzoekrapport gepubliceerd over deze vorm van vrijheidsberoving bij asielzoekers. Daaruit bleek dat grensdetentie, meestal opgelegd in het grenshospitium, gemiddeld honderd dagen duurt. Honderd dagen in de gevangenis omdat je het land niet in mag. We spreken over Nederland, Nederland anno 2007. Terugblik. Mishandeling?
Artikel 19 van het Internationaal Verdrag inzake de Rechten van het Kind verstaat onder kindermishandeling:
Alle vormen van lichamelijk of geestelijk geweld, letsel of misbruik, lichamelijk of geestelijke verwaarlozing of nalatige behandeling, mishandeling of exploitatie. Aan het woord een kind in Nederland. Nederland anno 2007.
Ik word er gewoon ontzettend boos van als ik eraan denk. ... Daar heb ik gewoon geen woorden voor. Verschrikkelijk. En dat gebeurt zo wel. En ik vraag me wel af, waarom? Omdat wij buitenlander zijn, of vluchtelingen? Hebben wij geen recht, hebben wij niks te zeggen? Nee, het voelt niet recht. ... Gewoon naar de dokter gaan, handboeien is niet genoeg, twee begeleiders zijn niet genoeg, je krijgt een stok in je broek. Ja, ik weet niet, er is gewoon geen beschrijving voor. Echt. En ik probeer het weg te stoppen, maar als ik eraan denk dan word ik gewoon boos en kwaad. Als je de verhalen van de kinderen die in vreemdelingenbewaring hebben gezeten hebt gehoord of gelezen dan denk je inderdaad aan termen als 'mishandeling'. Wat houden deze kinderen hier aan over? Gaan ze nog ooit vertrouwen hebben in Nederland als rechtstaat? Zullen ze ooit niet meer bang zijn van donker en een onverwacht hard dichtgeslagen deur? Durven ze zich ooit weer te hechten aan hun speelgoed en aan de mensen om hen heen? Het zijn de details in die scriptie van Gerrianne Smits die maakten dat we juist ook behoefte kregen aan de grote lijnen, aan onderzoek dat de schade die we kinderen hebben aangedaan in vreemdelingenbewaring aantoont.
Het gaat dan niet alleen maar om de tijd in detentie, maar om die hele lange, onzekere, ziekmakende asielprocedure waar duizenden kinderen in Nederland gevangen in zijn gehouden. Kinderen van wie een groot aantal nu bevrijd is door het generaal pardon. Het zijn juist die kinderen bij wie Defence for Children International nu onderzoek zou willen doen om in kaart te brengen welke schade het verblijf in veilig Nederland hen heeft toegebracht. We hebben die feiten nodig om mensen die het vreemdelingenbeleid in Nederland misschien straks weer strenger willen maken met de neus op de feiten te drukken. Om keihard te kunnen bewijzen dat Nederland niet altijd zo fatsoenlijk is als zo vaak wordt gezegd.
Scripties als die van Gerrianne, getuigenissen zoals de kinderen vanuit vreemdelingenbewaring hebben gegeven, moeten systematisch bewaard blijven als zwarte bladzijde uit onze geschiedenis en als een werkend rookalarm voor de toekomst
Ik sluit af met een van die rooksignalen die mij ruim een jaar geleden bereikten. Een brief van de kinderen uit detentiecentrum Zeist, een kopietje van hun schrijven aan de koningin. Het is in Nederland.
Uw majesteit Koningin Beatrix,
Wij onschuldige kinderen schrijven vanuit Detentiecentrum Zeist naar U. Het woord 'detentie' zegt al genoeg. Om te beginnen willen wij u gezondheid en geluk wensen. Waarom wij hier zitten begrijpen we zelf niet. Wij zitten hier met onze ouders, broers en zussen vast. Wij komen allemaal uit verschillende gezinnen uit anderen landen. Wij zijn de kinderen vanaf 1 jaar tot 17 jaar. Wij zitten maandenlang in bewaring. Het is heel erg moeilijk voor ons. Wij komen tekort aan alles wat normale kinderen dagelijks moeten krijgen. Hier worden we behandeld als echte gevangenen, terwijl we dat niet zijn. We hebben hier geen vrijheid. Je mag zelf niet eens bepalen wanneer je wilt gaan luchten. (...) Waarom doen ze dat ons aan ? Wat hebben we verkeerds gedaan ? (…). De omgeving en de sfeer is moeilijk voor ons. We horen thuis met leuke sfeer en op school te zitten. De school is voor ons echt belangrijk. (…) We zijn het zat, moe en worden hier bijna gek. De tijd stroomt. Geen nieuwe dingen geleerd. De mens- en kinderrechten staat bovenop in Nederland. Maar wat hier gebeurt is echt een schandaal. Wij staan gelijk en hebben gelijke rechten. (…)
De laatste maanden dat we in bewaring waren was een harde klap voor ons allemaal. Zonder school en weg van het gewoon dagelijkse leven die we hadden. (..) Wij missen het leven dat we hadden. Onschuldige kinderen horen niet in gevangenis te zijn. Wij willen naar school en in Nederland onze toekomst opbouwen.
Geef ons de kans Uw majesteit. (…) . Wij hopen en wachten allemaal op Uw majesteit. Het was een eer voor ons om naar u te mogen schrijven.
Hoogachtend van alle kinderen uit Zeist, 17 februari 2006
Carla van Os,
Defence for Children International
© 2009 Defence for Children International Nederland - All rights reserved.